Van tevoren was het niet de bedoeling geweest dat ik een hele zaterdagavond in de trein zou doorbrengen. Van tevoren was het de bedoeling geweest dat ik op een feestje zou arriveren en daar terstond zou uitbarsten in gedans, op platen uit mijn jeugd. Ik zou heel hard gaan gillen bij plaatjes van Kool & The Gang, want voor een beetje gillen draai ik persoonlijk de hand niet om.
Ik tuurde in de richting waar mijn trein vandaan moest komen. Ledige rails. Ik hoorde het ding dong al in mezelf, voordat het uit de luidsprekers kwam. Ding dong. Niemand om mij heen zei wat, en toch werd het nog stiller op het perron. Er was een stremming op het baanvak. God, laat me alsjeblieft niet met bussen vervoeren, bad ik. Ik haat bussen die mij vervoeren.
Altijd, maar dan ook altijd worden mijn gebeden verhoord. God heeft een speciaal plekje voor mij, en dat is begrijpelijk. Nee, ik hoefde niet met bussen vervoerd. Ik moest gewoon een stukje omreizen, om de stremming heen. Een onmiddellijke berusting kwam over mij. Ik heb die gave. Niet iedereen heeft die gave. Om mij heen begonnen mensen koortsachtig mobiel te telefoneren. Naast mij liet iemand overdreven zijn ogen rollen. De mensen zonder beltegoed zuchtten en klakten met hun tong. Ze zeiden het niet, maar boven hun hoofden zag ik tekstballonnen waar meestal dingen als 'fuck de NS' in stond. Ik hou van de NS, of ze nou op tijd rijden of niet. Papa was a spoorman, en op die manier ben ik eeuwig met die luitjes verbonden denk ik.
Ik sjokte met de stroom mee naar een ander perron. Dat was een beetje voor de vorm. Ik moest een huppel bedwingen. In mijn hart was de opgetogenheid die mij wel vaker overvalt bij stremmingen op baanvakken. Ik heb het ook met onbekende vertragingen en stilstaan in weilanden. Ja, ik heb een weinig avontuurlijk leven, maar ik doe er tenminste wat mee. We kwamen in een trein waarin al reguliere reizigers zaten. Fronsend bekeken zij ons. Ik frons zelf ook als ik de reguliere reiziger ben en dus de bezitter van de trein - en dat er dan andere fuckpassagiers bij komen, damn! Maar goed, nu stond ik aan de andere kant en ik had zoiets van: doe eeeven normaal sukkels! Een trein is geen bezit, jah! Wij hebben een stremming op ons baanvak en daarom nemen we nu jullie baanvak over!!! Moven!
Een onwillig iemand maakte plaats voor mij. Langzaam begon de trein te rijden. Ik hing mezelf tegen het linkerraampje maar ik keek uit het rechterraampje. Aan de rechterkant van de trein was het nog een beetje dag, met geel licht boven de dorpen. Links was alles al donkerblauw. Nog wat later werd het zo donker dat ik alleen mezelf nog in de ruit kon zien. De ene keer viel het mee. De andere keer zag ik mezelf en dacht: oh my god. Soms, als ik te gepreoccupeerd raakte met mijn eigen uiterlijk, drukte ik mijn neus tegen het raam. Dan staarde ik naar de rails. Ik had allang aan het dansen kunnen zijn op Saturday Night Fever. Maar dit, dit was ook heel goed voor een zaterdagavond.
28 januari 2007
saturday night fever
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen