de metro-columns | jacq. veldman





25 januari 2009

ik ben helemaal in de war van jou

'Maar moet ik nu in Amersfoort overstappen of in Hilversum', zei ik.
'Nou, in Hilversum dus', zei de conducteur.
'Maar net zei u Amersfoort', zei ik.
'Oh ja, ik bedoel dus Amersfoort', zei de conducteur.
'U bedoelt Amersfoort', zei ik.
'Ik bedoel Amersfoort', zei de conducteur.
'Weet u dat heel zeker', zei ik.
'Hè verdorie nee, tóch Hilversum!', zei de conducteur.
'Hilversum it is dan', zei ik met een strenge ondertoon, want als je als argeloze reiziger de conducteur bij de les moet houden in plaats van andersom, waar gaat het dan naartoe met de wereld.

'Ik ben helemaal in de war van jou', zei de conducteur.
'Wat?', zei ik.
'Je ziet er leuk uit, ja je ziet er leuk uit', zei de conducteur.
'Heb je misschien zin om mee te gaan naar mijn huis', zei ik.

(Haha, nee natuurlijk zei ik dat niet, ik ga toch geen conducteurs mee naar huis slepen?! Wie moet er dan de trein besturen, oh ja de machinist.)

'Nou, bedankt hoor', zei ik in plaats daarvan. En ik wuifde hem na en hij wuifde terug en ik draaide me om naar de trein die op me wachtte. Ik was gevleid, ik was verdikkeme beslist gevleid! Steels keek ik naar mezelf in het raam. Ik was ontzet.

Ik zag er niet uit. De stationskou had mijn gezicht doen verstarren tot een masker van diep, diep chagrijn, en ik had mijn pet op - die mij, zo zag ik nu pas, een verrassend hoog malle pietje-gehalte geeft. Starend staarde ik naar de verdwijnende rug van de conducteur. Was deze man zo weinig gewend waar het de vrouwenwereld betreft? Was het een stukje service naar de vrouwenklant toe? Of... had deze man mij, ondanks mijn pet, herkend als notoire stukjesschrijver en zijn kans schoon gezien om te figureren in een column in een van de best gelezen kranten van Nederland!?

(Ik ben niet paranoïde, er zijn meer mensen die dit geprobeerd hebben. Mijn eigen vriendin 1 bijvoorbeeld doet geregeld op nadrukkelijke wijze uitspraken die nergens op slaan, en wijst dan bevelend naar mijn lieve kleine mini-laptop die ik altijd bij me draag. En vorige week nog won zij een felle woordentwist, puur op solide en hout snijdende argumenten. 'Zet dát maar eens in een van je stukjes!', zei vriendin 1. 'Ik vind het niet grappig genoeg', zei ik chagrijnig, want ik vind het gewoon leuker als ik zelf het stralend middelpunt ben van mijn eigen stukjes. 'Nou, ik wel', zei vriendin 1. Maar ik laat mij niet zo gemakkelijk voor andermans karretje spannen dus zeker weten dat dit incident de krant nooit zal halen.)

Vanuit de trein floot de conducteur naar mij. Ik moest een beetje met mijn ogen rollen om die rare, domme man, die hoopte dat hij in een column zou komen. Maar verdikkeme, ondertussen was ik toch weer gevleid. Direct daarop gingen de deuren dicht en ik kon er nog net doorheen springen.